Preek Gebedsweek Eenheid 2014

Preek van bisschop Frans Wiertz tijdens een oecumenische viering in Weert bij gelegenheid van de Gebedsweek voor de Eenheid op zondag 19 januari 2014.

Eerste lezing: Gen. 13, 2 – 8
Tweede lezing: 1. Kor. 1, 4 – 17
 


“Is Christus dan verdeeld?” We hoorden het de apostel Paulus net zeggen in zijn brief aan de Korintiërs. Of zeggen…? Verzuchten, is misschien een beter woord. Paulus deed zijn best om het evangelie van Jezus Christus te verkondigen en de Korintiërs interpreteerden dat blijkbaar op verschillende manieren. Zoveel kunnen we uit de brief van Paulus opmaken. Je hóórt hem bijna zuchten als hij schrijft: “Is Christus dan verdeeld?”

Het is een retorische vraag. Natuurlijk is Christus niet verdeeld. Er is maar één Christus en alle christengelovigen vormen samen zijn mystieke lichaam. Het is een beeld dat vaak gebruikt is. We vormen allemaal verschillende ledematen, maar wel van hetzelfde lichaam.

Is Christus dan verdeeld? Het is ook het thema van deze gebedsweek voor de eenheid en van deze oecumenische viering. En net als in de brief van Paulus is de vraag stellen, meteen het antwoord geven. Er is maar één Christus. Als we ons dat realiseren, begrijpen we meteen hoe vreemd het is dat de christelijke geloofsgemeenschap verdeeld is. Bijna duizend jaar geleden zijn de Kerk van het westen en de Kerk van het oosten uit elkaar gegaan. En in de 16e eeuw hebben we het grote schisma van het westen gehad, waaruit de protestantse kerken zijn ontstaan. 

Sindsdien realiseren we ons allemaal dat die verdeeldheid eigenlijk niet goed is. Maar het is ook niet zo eenvoudig om weer tot eenheid te komen. Wat in eeuwen uit elkaar gegroeid is, breng je niet zomaar even weer bij elkaar. Die illusie moeten we niet hebben. Tegelijkertijd moeten we ons ook niet laten ontmoedigen. Verdeeldheid is al zo oud als de Kerk – dat blijkt wel uit de brief van Paulus – en pogingen om de breuken te helen dus ook. Met dat laatste moeten we zeker doorgaan, want het is dezelfde Christus die het centrum is van ons geloof. We zijn het aan Hem verplicht om op z’n minst te proberen bij elkaar te brengen, wat bij elkaar te brengen valt.

Afgelopen jaar hebben we in de katholieke kerk herdacht dat 50 jaar geleden het Tweede Vaticaans Concilie werd geopend. Als het over oecumene gaat, is dat een heel belangrijk moment geweest, omdat toen nieuwe bakens zijn uitgezet voor samenwerking tussen de verschillende christelijke kerken. Niet eerder werd zo duidelijk geformuleerd dat het onze opdracht als gelovige mensen is om de christenheid van over de hele wereld weer bij elkaar te brengen.

Natuurlijk kunnen we nu – een halve eeuw later – verwijzen naar al die punten en puntjes waarop samenwerking nog niet lukt. Maar veel beter is het om te kijken naar de stappen die wél gezet zijn om christenen van verschillende denominaties dichter bij elkaar te krijgen. Er is namelijk veel meer dat ons bindt, dan dat ons scheidt. Dat mogen we koesteren.

Onlangs las ik een artikel van de Zwitserse kardinaal Koch, die president is van de Pauselijke Raad ter bevordering van de Eenheid van de Christenen. Hij geeft daarin een interessante analyse van de oecumenische ontwikkelingen in de afgelopen halve eeuw. Hij komt tot een paar interessante conclusies. Natuurlijk zijn er verschillen in kerkelijke structuren. Natuurlijk zijn er ook verschillen in opvatting over zaken als eucharistie en het gewijde ambt. Maar daar tegenover staan volgens Koch ook een aantal wezenlijke overeenkomsten, zoals de doop en het geloof in de Drie-eenheid, die hij de ‘toegangspoort’ tot een gezamenlijk christelijk geloof noemt.

Ik zou daar zelf graag het werkveld van diaconie en caritas aan toevoegen. Op dit terrein kunnen we als christenen met een verschillende achtergrond in concrete daden laten zien, dat we uit dezelfde bronnen putten. Dat het dezelfde Christus is die ons inspireert en ons oproept om tot daden van liefde te komen. En dat er zeker geen sprake is van een verdeelde Christus. 

In zijn artikel noemt kardinaal Koch nog een ander belangrijk werkterrein waarop we als christenen van verschillende kerken wel de handen ineen zullen móeten slaan: Namelijk in ons gezamenlijk gesprek met een samenleving, waaruit God steeds meer lijkt te verdwijnen. Niet het overbruggen van onze onderlinge meningsverschillen over het geloof is de grootste uitdaging voor de toekomst, maar een brug slaan naar mensen voor wie geloof überhaupt geen issue meer is.

Dát is de grote opdracht waar we als christenen samen voor staan. Daar waar vroeger in het oecumenisch gesprek allerlei geloofsvragen tot verdeeldheid tussen de verschillende kerken leidden, bevinden we ons nu in een situatie waarin het geloof in Christus juist het cruciale punt is dat ons verbindt. Het is onze gezamenlijke missionaire opdracht Om het geloof überhaupt levend te houden.

Kardinaal Koch noemt oecumene en missie “tweelingzusjes”, die niet zonder elkaar kunnen. Hij gaat zelfs nog een stapje verder door erop te wijzen dat het christendom momenteel de meest vervolgde religie ter wereld is. “We zijn weer een martelarenkerk geworden,” zegt Koch. Hij ziet in evangelisatie en een missionaire houding nieuwe kansen voor de oecumene, omdat juist de moeilijke positie, waarin de verschillende kerken zich bevinden, perspectieven voor nieuwe samenwerking biedt.

Betekent dit dan dat de theologische en praktische verschillen, waarover al zo lang gesproken wordt, maar vergeten moeten worden? Nee, want daarvoor zijn ze te wezenlijk en zou het te goedkoop zijn om ze zomaar van tafel te vegen. Eenheid kun je niet afdwingen. Die moet groeien. Dat leren we al uit het Johannesevangelie, waarin Jezus zijn beroemde wens uitspreekt: “Opdat zij allen één zijn” (Joh 17, 22).

Wie de tekst goed leest, ziet dat Jezus die eenheid niet eist, niet afdwingt, niet oplegt, maar ervoor bidt. Dat is precies wat wij ook het allerbeste kunnen doen: bidden om eenheid. Daarmee laten we zien dat wij die eenheid niet zelf maken. Dat we de vorm en het moment van die eenheid ook niet afdwingen, maar dat we wachten op het Kairos – het gunstige moment – waarop ons de eenheid door de Heilige Geest geschonken wordt. Amen.

+ Frans Wiertz
bisschop van Roermond

     
     
     
     
     
Susteren-Echt